Eén voet op het gas, één op de rem

Afgelopen weekend was ik bij de Formule 1 in Spa.

Dit weet ik natuurlijk al weken van tevoren. Ik voel het verlangen én de spanning die daarbij horen, omdat ik precies weet wat me te wachten staat.

En toch ga ik. Zonder twijfel.

Misschien is dat wel hoe ik het leven vaker ervaar: met één voet op het gas en één op de rem.

Ik ben hoogsensitief. Mijn zenuwstelsel filtert nauwelijks. Het neemt op, verwerkt en legt voortdurend verbanden, ook wat tussen de regels gebeurt.

Ik ben ook een sensatiezoeker. Iemand die juist opleeft van nieuwe ervaringen, uitdaging en complexiteit. Onderprikkeling kan voor mij net zo ongemakkelijk voelen als overprikkeling.

Dat zijn geen twee kanten die elkaar tegenspreken. Ze bestaan naast elkaar.

Spa gaf me precies dat.

Nog voordat de eerste auto de baan op ging, hing de spanning al in de lucht. De auto’s denderden niet alleen voorbij, je voelde ze door je lichaam gaan. Midden in de Ardennen, tussen tienduizenden mensen uit allerlei landen, gebeurde er overal iets. Mijn aandacht sprong voortdurend van de race naar de mensen, naar de natuur, naar de sfeer en weer terug, omdat er zoveel tegelijk gebeurde.

En ondertussen draaide mijn brein op volle toeren.

Voor mij is Formule 1 veel meer dan auto’s die rondjes rijden. Het is strategie, data, beslissingen die in fracties van seconden worden genomen en de hele race veranderen. Welke band kies je? Wanneer maak je een pitstop? Hoe zet je iemand onder druk zonder de regels te overtreden? Hoe win je een race die je aan het begin leek te verliezen?

Daar gaat mijn brein van aan.

Ik denk in verbanden, patronen en systemen. Waar anderen een race zien, zie ik de lagen eronder. Ik geniet van de complexiteit, van het voortdurend zoeken naar samenhang en van de vraag waarom iets gebeurt. Voor mij zijn juist dat strategische denken, het zoeken naar patronen en de behoefte aan complexiteit een belangrijk onderdeel van hoe mijn brein werkt. En het geeft energie in plaats van dat het kost. Veel mensen met een hoogbegaafd brein zullen daar waarschijnlijk iets in herkennen.

Zondagavond was ik leeg.

Niet het gewone moe dat na een goede nacht slapen weer verdwijnt, maar de uitputting van een systeem dat drie dagen lang onafgebroken had opgenomen, gevoeld, gedacht en verwerkt.

De dagen daarna zocht ik bewust de stilte op, weinig mensen en weinig nieuwe prikkels.

En tegelijkertijd zou ik het morgen zo weer doen.

Ik dacht altijd dat ik moest kiezen. Hoogsensitief zijn en rust nodig hebben of houden van prikkels en intensiteit.

Inmiddels zie ik dat anders.

Doordat ik zoveel waarneem, verlang ik soms juist naar intensiteit. En juist daarom heeft mijn systeem daarna ruimte nodig om alles een plek te geven.

Misschien zit de uitdaging niet in het vermijden van prikkels of in harder proberen te herstellen. Het begint bij het accepteren hoe jouw zenuwstelsel werkt. Dat intens beleven nu eenmaal ook intens verwerken betekent, omdat jouw systeem veel oppakt, veel ziet en voortdurend verbanden legt.

Dat besef heeft mij milder gemaakt. Ik hoef niet meer te kiezen tussen gas en rem. Ik mag leren voelen wanneer het tijd is om te versnellen en wanneer het juist helpend is om af te remmen. Allebei horen ze bij mij.

Herken jij die beweging ook? Dat je verlangt naar het intense, terwijl je tegelijkertijd weet hoeveel ruimte je daarna nodig hebt om weer thuis te komen bij jezelf?

Als dit iets raakt, is Nagloeien misschien ook de moeite waard.